Rondreis

Zweden en Finland

Bij station Riksgrensen steekt de trein de Noors-Zweedse grens over. Het lijkt wel of het landschap een metamorfose heeft ondergaan. De trein raast over de berghellingen. Aan de ene kant van het spoor liggen besneeuwde vlaktes en aan de andere kant ligt een groot, met ijs bedekt meer. Zelfs in de zomer komen mensen hier om te skiën. Ondertussen raast de trein voort. De sneeuw maakt plaats voor moeras. Kleine berkeboompjes steken uit de drassige grond omhoog. Ze zijn vaak niet hoger dan een meter en de blaadjes zijn nog maar half uit de knoppen gekomen. Zo nu en dan kabbelt er een klein beekje met ijskoud water langs het spoor en een enkele keer springt er een groep rendieren weg voor de trein. Het is een indrukwekkend gezicht. Dit gebied is Lapland. Het is bijna niet te geloven dat er mensen wonen.

Geruime tijd later stopt de trein in Kiruna, de belangrijkste stad in Zweden boven de poolcirkel. Kiruna is niet groot, en het komt erg somber over. Het is net alsof de stad op een eiland ligt in het moeras, want zodra de trein het station heeft verlaten, grijpt het moeras weer om zich heen. Het volgende dorp ligt weer een heel stuk verder. Toch wordt het landschap steeds groener. Berkeboompjes overheersen nog steeds, maar nu zijn ze al een stuk langer dan eerst. Op gegeven moment is er een streep zichtbaar aan beide kanten van het spoor, met daarnaast een bordje waarop staat aangegeven dat je weer aan de warme kant van de poolcirkel bent aangekomen. Na een tijdje arriveert de trein in Boden, een stadje waar twee belangrijke spoorwegen elkaar kruisen. De bus naar de Finse grens wacht al. Het zal nog wel even duren eer je er bent, maar de rit is weer erg mooi. Het moeras is verdwenen en bossen zijn ervoor in de plaats gekomen. Het klimaat is duidelijk milder, maar dat is niet vreemd, want de trein is aan een stuk door afgedaald naar ongeveer het niveau van de Botnische Golf. Buschauffeurs in dit gebied zijn eigenlijk ook een beetje postbode. Onderweg stoppen ze af en toe om een pakketje af te leveren. Een paar uur later stopt de bus in Haparanda, het eindpunt. Het Zweedse stadje vormt samen met het Finse Tornio, waarvan de kerktoren al zichtbaar is, als het ware een dubbelgemeente. Het is grappig dat Finland nu al in zicht is, terwijl je een paar uur geleden nog in Noorwegen was!

Haparanda is niet erg levendig, maar de mensen zijn erg behulpzaam bij het aanwijzen van de jeugdherberg. Na een korte overnachting zal de bus naar Finland alweer vroeg klaarstaan! De bus rijdt af en toe langs de Botnische Golf, een immense watervlakte, en dan weer landinwaarts. Alle bomen zijn nog fris groen, alsof de zomer nog maar net haar intrede heeft gedaan. Zo nu en dan roept de chauffeur een onverstaanbare stationsnaam. Het Fins lijkt niet op het Zweeds en het Noors. Het is een hele aparte taal, die op sommige gebieden overeenkomsten vertoont met het Hongaars. Gelukkig zijn veel dingen in Finland ook in het Zweeds aangegeven. Dat is tenminste nog een beetje te begrijpen! Ondertussen is de bus aangekomen in Oulu, de vierde stad van Finland.

Oulu is een vrij moderne stad met een strak stratenpatroon, ongeveer in de stijl van Piet Mondriaan. Erg veel is er niet te beleven, maar toch telt Oulu een paar gebouwen die het bekijken waard zijn, waaronder de kerk.

Na een paar uurtjes heb je Oulu wel gezien. Er wacht nog veel meer in Finland! De trein naar Kontiomaki vertrekt. Het vlakke land aan van de Botnische kust verandert in een glooiend heuvellandschap, met veel bossen en af en toe een klein meertje. Slechts hier en daar staat een huisje of ligt een dorp. Net buiten Kontiomaki stopt de trein. De reis gaat verder per bus. Het uitzicht uit de bus is erg mooi. Na elke bocht die de weg maakt krijg je een volledig ander landschap te zien.

Tegen de avond komt de bus aan in Joensuu, in het oosten van Finland, waar de trein al wacht. Helaas is er geen tijd om even in het stadje te kijken. Maar de treinreis die nu volgt gaat dwars door het Finse merengebied. Finland telt ongeveer 188 duizend meren en is dus niet voor niets het land van de duizenden meren! Nu maar hopen dat je ogen open blijven. Voor je het weet val je in slaap en doe je je ogen pas weer open in Helsinki! Dan heb je de prachtige luchtspiegelingen in de uitgestrekte meren gemist...

Het is vroeg in de ochtend als de trein aankomt in het enorme station van Helsinki, sinds 1917 de Finse hoofdstad. Helsinki is qua aantal inwoners ongeveer even groot als Oslo, en ligt bovendien ook bijna op dezelfde breedtegraad als Stockholm en Oslo. Toch lijken de drie hoofdsteden helemaal niet op elkaar. Voor architectuurliefhebbers is Helsinki een paradijs. Het station alleen al is een echt architectonisch kunstwerk. Als je het station uit loopt, loop je zo het centrum van Helsinki in.

Tegenover het station liggen een paar grote winkelcentra, waar je ongetwijfeld de weg in kwijt raakt. Gelukkig zijn er talloze stadswandelingen door oude en nieuwe gedeelten van de binnenstad, die elk een deel van het verleden van Helsinki laten zien. Van bijna elk gebouw dat je onderweg tegenkomt is wel een beschrijving te vinden. De meeste gebouwen zijn opgetrokken in de neorenaissancestijl en de art nouveau stijl en geven de binnenstad een centraal-Europese allure.

Midden in de binnenstad ligt één van de twee kathedralen. Het is een grote, witte kerk met blauwe koepels die erg Russisch aandoet. Als de zon de kathedraal verlicht is het net alsof je in een sprookje leeft. De kathedraal ligt niet ver van de haven, waar grote en kleine schepen klaar liggen om koers te zetten richting Estland, Duitsland en Zweden. Regelmatig worden er markten gehouden aan de haven, waar je allerlei souvenirs kunt kopen. Vanaf de haven kun je ook de andere prachtige kathedraal zien, de Uspenski kathedraal. Het is een Russisch-orthodoxe kathedraal met groene daken en een schitterend interieur. Maar om dat te bezichtigen moet je natuurlijk wel eerst naar binnen!

In Helsinki zijn vele jeugdherbergen. Eén ervan ligt in het Olympische Stadion, waar in 1952 de Olympische Spelen zijn gehouden. Het is een mooi stadion, waarin ook nu nog allerlei sportieve en culturele evenementen plaatsvinden.

Op het eilandje Seurasaari, net buiten de binnenstad, ligt het bosrijke openluchtmuseum van Helsinki. Daar zijn allerlei oude, houten Finse huisjes tentoongesteld, die een goed beeld geven van het Finse leven in vroegere tijden. Ook zijn er een kapel en een windmolen te bewonderen. Mocht je toevallig de weg kwijtraken dan is dat geen probleem. Volg gewoon de eekhoorns, want die huppelen steeds voor je uit, als ze tenminste niet in je broek klimmen.

Helsinki viert in het jaar 2000 haar 450ste verjaardag. Daarmee is het zeker niet de oudste stad van Finland. Dat is Turku, de volgende stad op de rondreis. Turku is de derde stad van Finland en ligt in het zuidwesten aan de Aurajoki rivier. De hoofdattractie van Turku is ongetwijfeld het kasteel, dat dateert uit ongeveer 1280. Het kasteel is in de loop der jaren enorm uitgebreid. Een bezoek aan het kasteel is een aanrader. Neem dan wel een guided tour, want anders raak je gegarandeerd de weg kwijt!

Het is de moeite waard om het stuk van het kasteel naar het centrum van Turku te lopen. Onderweg kom je namelijk een paar mooie museumboten tegen aan de kaden van de Aurajoki. Vanaf de kade zie je de Lutheraanse kathedraal van Turku, een nationaal architectonisch monument.

Het centrum van Turku is met zijn vele winkeltjes en restaurantjes erg gezellig. Ook aan groen ontbreekt het overigens niet in Turku. Aan de rivier ligt een groot park dat zich over een helling uitstrekt. Bovenop de helling ligt een oud observatorium, waarin vroeger zeevaarders opgeleid werden en nu het maritieme museum gevestigd is. Het biedt een mooi uitzicht over Turku.

Vlakbij Turku ligt het dorpje Naantali, dat door de Finnen al een paar jaar lang wordt beschouwd als het mooiste en gezelligste dorp in Finland. Het dorp ligt aan een kleine baai aan de Oostzeekust, verscholen achter honderden kleine eilandjes.

Op een groene heuvel torent het kleine kerkje van Naantali uit boven de terrasjes aan het water. Iets verder strekt een winkelstraat zich uit van het midden van het dorp naar de plezierhaven. Eén van de winkels die je er kunt vinden is het Moominwinkeltje, waarin je van alles kunt kopen dat te maken heeft met de Moomins, de grappige schepseltjes die de hoofdrol spelen in de bekendste kinderboekenserie van Finland. Elke Fin is ermee opgegroeid. Via een loopbrug over het water kun je van Naantali naar het Moominpretpark lopen, dat op een eilandje ligt.

De volgende stad op de route is Tampere, de op één na grootste stad van Finland. Tampere ligt landinwaarts, ingesloten door twee grote meren zoals Finland er wel duizenden kent. De stad heeft een rijk industriëel verleden en dat is ook nu nog goed te zien. Veel fabriekshallen zijn omgebouwd tot musea en expositiehallen. Tampere is op die manier één van de weinige steden die haar industriële erfgoed zo goed bewaart. De binnenstad is best mooi. Brede esplanades verbinden grote pleinen met elkaar en daartussenin liggen vele winkelstraten. Verder zijn er net als in Helsinki en Turku ook in Tampere veel voorbeelden van de Finse architectuur te vinden.

Op bijna alle ansichtkaarten die je van Tampere kan kopen, is de Näsinneula uitzichttoren goed te zien. De twee liften in de toren zoeven razendsnel naar een hoogte van 168 meter, vanwaar je een overweldigend uitzicht hebt over Tampere en haar wijde omtrek. Op een zomerse dag zijn de twee meren waartussen de stad ligt afgeladen met zeilboten en als het de lucht ook nog eens helder is, kun je met een beetje geluk misschien ook Turku en Helsinki wel zien!

De reis door Finland zit er bijna op. Maar er is nog één stad die nog wacht op een bezoek, Vaasa. Vaasa ligt aan de Botnische golf, ten noorden van Tampere. Tussen de twee steden is het land erg vlak. Het lijkt zelfs heel erg op Nederland. Aan de andere kant van het treinraampje liggen uitgestrekte weilanden, met hier en daar een stukje bos ertussen. Heel soms zie je een dorpje. Na ongeveer twee uur stopt de trein in Vaasa. Op het eerste gezicht is het geen mooie stad. Schoorstenen torenen boven alles uit. Van het station is het maar een klein stukje lopen naar het centrum. Maar ook daar is niet veel te beleven. Alleen de kerk en de watertoren zijn de moeite waard om even te bekijken. Vanaf de top van de watertoren kun je over Vaasa heen kijken of er toch nog iets is dat je graag had willen zien...

Even buiten de stad wacht de veerboot naar Zweden al. Het is een enorme boot die meerdere keren per dag de overtocht maakt van Vaasa naar het Zweedse Umeå en terug. In iets meer dan vier uur kun je de Botnische Golf oversteken. De boot vertrekt. Door de kleine raampjes wordt Finland steeds kleiner. Links en rechts duiken kleine eilandjes op waar de boot de juiste weg tussen moet vinden. Daarna is er alleen nog maar water te zien. Nog even en dan ligt het Zweedse vasteland weer onder je voeten!

Vlakbij de stad Umeå meert de boot aan. Een bus overbrugt de afstand tot de stad. Umeå is een vrij moderne, maar niet echt bijzondere stad. Je bent er al vrij snel uitgekeken. Via een paar gezellige winkelstraatjes en passages kom je uiteindelijk bij het station, waar de nachttrein naar Stockholm al klaar staat.

Maar alvorens een bezoek aan Stockholm te brengen is het de moeite meer dan waard om in Uppsala uit te stappen en de stad te bewonderen. Uppsala is een gezellige universiteitsstad, met een boeiend verleden. Een groot paleis met een fraaie tuin ervoor en een tweespitsige kathedraal zijn daar twee goede voorbeelden van. Dwars door de stad loopt een gracht, met daaraan leuke grachtenhuisjes. Sommigen doen een beetje Amsterdams aan, maar de meesten zijn zo apart dat je ze eigenlijk met niets Nederlands kunt vergelijken.

Nu op naar Stockholm! Wat is dat een prachtige stad! Een beter eindpunt kun je voor zo'n rondreis nauwelijks verzinnen. Alhoewel... je kunt natuurlijk ook weer terug naar Oslo, het begin van de rondreis!

terug naar Noord-Noorwegen Noorwegen